Ik heb me de laatste jaren verwonderd over de enorme prijsstijgingen van goederen en diensten. Als ik iemand dan om een verklaring vroeg was het antwoord steevast:’Ja, dat komt door de marktwerking. Ieder aanbod schept zijn eigen vraag en vice versa, hè.’ Eigenlijk het basisprincipe van het kapitalisme. Ja ja, omdat iemand in de achttiende eeuw of zo dit principe heeft bedacht is het dus ook zo? Ik geloof daar niet in. Een goed heeft een bepaalde prijs, en waarom zou die prijs moeten stijgen als er meer vragers zijn dan er aanbod is? Dat kan je redelijkerwijs toch helemaal niet verklaren?
Laat ik een voorbeeld geven. Ik reed pas langs de makelaar in ons winkelcentrum, een blik in de etalage is dan snel gemaakt. Daar stond een tussenwoning in de wijk die ik zeven jaar geleden verliet. Dat soort woningen zijn vrij klein en geschikt voor een stel of een klein gezin. Een tussenwoning dus, 35 jaar geleden gebouwd en in de tussentijd gemoderniseerd, met voortuin, twee woonlagen, een achtertuin en twee slaapkamers op de eerste verdieping. Vrij standaard allemaal, maar wel in uitstekende conditie. In de badkamer was ook nog een bad aanwezig. Ik kon mij nog herinneren dat er weleens zo’n woning te koop stond toen ik daar woonde, en dat de prijs rond de twee ton lag, meestal net iets eronder. Dus de schok was groot toen ik de vraagprijs van deze woning zag: 375000 euro! Deze kleine woning, die ‘uitstekend geschikt is voor een één- of tweepersoonshuishouden’ moet bijna vier ton kosten? Hoe gaan die één- of tweepersoonshuishoudens die prijs in hemelsnaam ophoesten?
Bij de opmerking dat de prijs behoorlijk hoog is gaat de makelaar natuurlijk spreken van de marktwerking, want er zijn natuurlijk ontzettend veel mensen op zoek naar een woning, en omdat er weinig woningen vrijkomen gaat de prijs omhoog. Nogmaals: omdat er weinig woningen vrijkomen gaat de prijs omhoog. Iemand heeft dat principe ooit bedacht en wij nemen dat al tweeënhalve eeuw klakkeloos over. Want waarom is het blijkbaar logisch dat de prijs van een goed omhoog gaat wanneer er weinig van beschikbaar is, meer mensen erom vragen? Het is niet plots veel moeilijker om de woning te bouwen, want het staat er al. Krijgt die woning dan ineens meer inhoud, een mooiere tuin, luxere keukenapparatuur, grotere kamers en extra zonnepanelen? Nee toch?
Er moet iets anders zijn waardoor de prijs plots zoveel hoger wordt. Is het hebzucht? De mens heeft al vaak aangetoond – en doet dat nog dagelijks – hier last van te hebben, van die hebzucht. Er wordt altijd voor het geld gekozen, en hoe meer hoe beter. Want hoewel de woning eigenlijk alleen maar ouder is geworden (en daardoor minder waard), er weliswaar wat moderniseringen zijn aangebracht, maar het perceel nog steeds even groot is, op dezelfde plek ligt en er niet is verduurzaamd, moet deze toch een buitenproportioneel bedrag opleveren. ‘Het is een beetje wat de gek ervoor geeft’, wordt vaak gezegd. Dat geeft alleen maar nog duidelijker aan dat het waanzin is wat er gebeurt op de woningmarkt.
Om de waanzin nog eens te benadrukken had ik zelf kortgeleden een vreemde ervaring met een makelaar. Er zou een nieuw project starten in Renkum, waar een oude kerk zou worden omgebouwd tot drie verdiepingen met appartementen en een paar eengezinswoningen. Zag er heel leuk uit, wij waren wel geïnteresseerd. In feite ging het om nieuwbouw, maar dan binnen de bestaande muren van deze kerk. Alles was al bedacht, er waren plattegronden en artist impressions gemaakt, wij waren enthousiast. Prijs van het project was ook bekend en voor ons net haalbaar. Na inschrijving zouden we een gesprek met de makelaar hebben. De makelaar belde ons een paar dagen later op met het verzoek om een bod uit te brengen op de nieuwbouwwoning.
‘Pardon, zei u nou dat ik een bod moet uitbrengen?’
‘Inderdaad. De woningen zijn erg gewild en er is al iemand geweest die meer dan de projectprijs heeft geboden.’
‘Maar we hebben het toch over een nieuwbouwwoning met een verkoopprijs vrij op naam, dat is toch een vastgestelde verkoopprijs?’
‘Dat is inderdaad zo, maar er kan afgeweken worden wanneer er een bepaald aantal belangstellenden is die meer dan de verkoopprijs wil betalen. In dat geval wordt een biedprocedure gestart.’
‘Als ik niet bied maak ik zeker geen kans?’
‘Nou, er wordt in principe in eerste instantie met de hoogste bieder gesproken. Mocht deze toch niet geïnteresseerd zijn, dan wordt de volgende op de lijst benaderd. Als de bieders uiteindelijk toch allemaal afvallen komt u weer in beeld.’
‘Hahaha! U kunt wel gewoon ‘nee’ antwoorden op mijn vraag hoor, want u en ik weten ook wel dat ik nu kansloos ben als ik niet bied op een min of meer vaste vraagprijs.’
‘Uw kansen worden inderdaad wel kleiner naarmate er meer geïnteresseerden een bod doen, maar er blijft altijd een kans.’
‘Nou, ik haak af. Als er zulke praktijken worden toegepast, waarbij degene met het meeste geld weer aan het langste eind trekt, van zulke boevenpraktijken wil ik geen deel uitmaken. Vind u het zelf niet een beetje vreemd wat hier nu gebeurt?’
‘Het is een procedure die weinig wordt toegepast, maar er is niets verkeerd aan, het is een wettelijke regel die gebruikt mag worden.’
‘Nou, dan hoop ik dat u en de verkopende partij er een lekker glaasje wijn op drinken wanneer de koop met de rijkste bieder gesloten is. Verslik u niet, het zal een flink glas zijn. U zou u moeten schamen! Goedemiddag!’
U ziet, zoals altijd wanneer het om geld gaat: de rijken zijn de grote winnaars.
